Welke cellen horen erbij? Wat je lichaam je leert over inclusie en uitsluiting

 

Een tijdje geleden schreef ik over angst en stagnatie, en hoe je lichaam al miljarden jaren weet wanneer het moet loslaten. Die blog bracht een vraag los die ik niet kon laten gaan: wat als ik datzelfde principe doordenk naar hoe wij met elkaar omgaan? Niet alleen in onszelf, maar tussen mensen. Welke cellen horen er eigenlijk bij, en wat zegt de biologie over wie erbij hoort en wie niet?

Ik geloof al zolang ik me kan herinneren dat iedereen gelijkwaardig is. Niet als ideologie, niet als politiek standpunt, maar als iets wat ik voel in mijn lijf als een soort basiswaarheid. Vrijheid en gelijkwaardigheid zijn mijn kernwaarden, niet omdat ik ze ooit bewust heb gekozen, maar omdat ze er al waren voordat ik de woorden ervoor kende.

 

Liefde als basiswaarheid

Ik ben katholiek opgevoed, en voordat ik überhaupt wist wat het betekende om gay te zijn, was ik al verliefd op de Jezus-energie, op de kern van die hele boodschap: liefde. Dat is wat er voor mij altijd in stond. Niet oordeel, niet hiërarchie, niet wie erbij hoort en wie niet. Liefde als default mode.

Het is daarom nog steeds moeilijk te behappen dat mensen diezelfde boodschap zo radicaal anders kunnen lezen. Dat ze hun boosheid, hun onvrede, hun angst erin gieten en er haat en verdeeldheid uithalen. Dat ze een zondebok zoeken, en dat mijn gemeenschap, mijn club met al die letters waar sommigen zo’n moeite mee hebben, zo vaak die plek krijgt toebedeeld.

Als ik daar eerlijk naar kijk, vanuit mijn werk als yogadocent en bewustzijnscoach, is het eigenlijk een klassiek patroon. Het hoofd dat overneemt. Het ego dat regeert vanuit angst. De amygdala die de prefrontale cortex blokkeert, zodat overleven het wint van verbinding, en “ik ben goed, jij bent slecht” de enige beschikbare taal wordt.

En dan vraag ik me af: wat zegt de natuur hierover? Wat zegt het lichaam?

Ik ging op onderzoek

In yoga gebruiken we het lichaam als weg naar diepere lagen. Het lichaam is altijd aanwezig in dit moment, het kent geen verleden en geen toekomst, het kent alleen nu. En in die aanwezigheid zit een intelligentie die verder gaat dan ons denken.

Ik begon me af te vragen: zijn alle cellen belangrijk voor het gehele lichaam? Welke stoot het lichaam af? En welke zijn “verkeerd”? Ik wilde kijken hoe de natuur, hoe het grand design, dit heeft geregeld. Want als je van nature homo bent, of gehandicapt geboren, ben je dan verkeerd? Of is dat de ignorance van iemand anders die op jou geprojecteerd wordt?

Dit is wat ik tegenkwam.

 

Apoptose: het lichaam laat los wat klaar is

Het eerste begrip dat ik tegenkwam heet apoptose. Geprogrammeerde celdood. Het lichaam ruimt actief cellen op die hun functie hebben vervuld, beschadigd zijn, of een gevaar vormen voor het grotere systeem. Dit is geen fout in het systeem, dit is het systeem dat werkt zoals het bedoeld is.

Wat me direct opviel: een cel wordt niet opgeruimd omdat hij anders is. Een cel wordt losgelaten omdat hij zijn bijdrage aan het geheel niet meer kan leveren, of omdat hij het geheel actief bedreigt. Het gaat nooit om wat een cel is, maar om wat hij doet.

Als apoptose niet werkt, ontstaan er tumoren. Beschadigde cellen die blijven terwijl ze zouden moeten gaan, die zich ongecontroleerd vermenigvuldigen en het gezonde weefsel om hen heen verstoren. De biologie is hier helder over: het probleem is niet de cel die anders is. Het probleem is de cel die vasthoudt.

Bron: Kerr, J.F.R., Wyllie, A.H. & Currie, A.R. (1972). Apoptosis: a basic biological phenomenon with wide-ranging implications in tissue kinetics. British Journal of Cancer, 26(4), 239–257.

 

Senacentie: de zombie-cellen

Maar dan is er nog een tweede begrip, en dit is degene die me echt deed stilstaan. Het heet cellulaire senacentie.

Senescente cellen zijn cellen die zichzelf niet meer vernieuwen, niet meer actief bijdragen aan het systeem, maar ook weigeren te sterven. Ze blijven. Ze stapelen zich op. Wetenschappers noemen ze ook wel “zombie cells.” En wat ze dan doen is veelzeggend: ze scheiden stoffen af die chronische ontstekingen veroorzaken in de omgeving. Ze verstoren het gezonde weefsel om hen heen, niet door aanwezig te zijn, maar door vast te houden aan hun eigen voortbestaan terwijl het systeem al verder is gegaan.

De meest actuele wetenschap over veroudering en chronische ziekte wijst naar deze cellen als een hoofdoorzaak. Niet de dode cellen zijn het probleem. Maar de cellen die blijven terwijl ze al klaar zijn.

Bron: Campisi, J. (2013). Aging, Cellular Senescence, and Cancer. Annual Review of Physiology, 75, 685–705.

 

Wat het lichaam ons vertelt over uitsluiting

En hier werd het voor mij filosofisch interessant.

Want de vraag was: welke cellen horen erbij en welke niet? En het antwoord van de biologie is verrassend eenduidig. Het lichaam werkt niet met “erbij horen” op basis van eigenschappen. Een cel hoort erbij zolang hij meestroomt, meebeweegt, bijdraagt aan het grotere geheel. Andersheid is geen reden voor uitsluiting. Stagnatie en toxiciteit wel.

In het immuunsysteem bestaan cellen in tientallen verschillende vormen en functies. T-cellen, B-cellen, natural killer cells, macrofagen, elk met een totaal andere taak, een andere verschijning, een andere manier van werken. Het systeem heeft al die verscheidenheid nodig om gezond te blijven. Monocultuur maakt een organisme kwetsbaar. Diversiteit maakt het veerkrachtig.

Bron: Janeway, C.A. et al. (2001). Immunobiology: The Immune System in Health and Disease. Garland Science.

Blogpost quote Lichaam en Inclusie Het gaat niet om wat je bent. Het gaat om wat je doet. Elke dag opnieuw. Dat is de practice, voor iedereen, zonder uitzondering.

 

Terug naar mensen

Dus ik ga de vergelijking bewust maken, want dat was de vraag waarmee ik begon.

Als iemand van nature homo is, of gehandicapt geboren, of op welke manier dan ook anders dan de norm, is hij dan zoals een beschadigde cel die het lichaam afstoot? Of is hij gewoon een cel met een andere functie, een andere vorm, een andere bijdrage aan het geheel?

De biologie zegt het tweede. Ondubbelzinnig.

En als ik dan kijk naar de mensen die uitsluiting verspreiden, naar de boosheid, de starheid, het eindeloze herhalen van “wij zijn goed en zij zijn slecht,” dan zie ik iets anders. Ik zie senacentie van het bewustzijn. Een patroon dat zichzelf niet meer vernieuwt, dat weigert mee te bewegen met de wereld die al lang verder is, en die dus  ondertussen de omgeving vergiftigt met chronische ontsteking. Niet vanuit kracht. Vanuit angst voor het eigen verdwijnen.

Dat is niet evil in de zin van een externe kracht. Het is het ego in zijn meest angstige vorm: vasthouden aan wat ooit zekerheid gaf, ook als die zekerheid al lang niet meer bestaat.

 

Het hoofd dat blokkeert wat het hart al weet

In yoga zeggen we: het lichaam weet het al. Voordat je hoofd een conclusie trekt, heeft je lijf al gereageerd. De nervus vagus, de langste zenuw van je lichaam, loopt van je hersenen naar je buik en reguleert je gevoel van veiligheid en verbinding. Hij wordt geactiveerd door langzame adem, door aanraking, door het gevoel dat je erbij hoort.

Mijn hart weet al heel lang dat verbinding de weg is. Mijn gut weet het. En als ik eerlijk ben, heb ik dat altijd al geweten, als dat kleine katholieke jongetje dat verliefd werd op liefde als boodschap, lang voordat hij wist wie hij zelf was.

Het lichaam is all inclusive by design. Het heeft alle verscheidenheid nodig om te functioneren. Wat het loslaat zijn niet de cellen die anders zijn. Wat het loslaat is wat vasthoudt, wat niet meer meestroomt, wat zichzelf belangrijker acht dan het grotere geheel.

I matter. Jij bent belangrijk. Iedereen die meestroomt en bijdraagt aan verbinding is succesvol en heeft zijn taak. Dat is niet zweverig. Dat is biologie. Én het is verbinding.

 

De keuze is aan jou, en ook aan mij

Doe met deze informatie wat je wilt. Maar nu je lichaam je heeft laten zien wat de weg vooruit is en wat de weg achteruit is, is de vraag eigenlijk heel simpel geworden: kies je voor verbinding, of kies je voor vasthouden aan iets wat niet meer bestaat?

Liefdevol reageren, ook naar jezelf, meestromen met het grand design in plaats van ertegen in, dat is wat yoga leert. Dat is wat vrijwel alle spirituele tradities leren. Dat is wat de meeste coachingstechnieken uiteindelijk ook naar toe bewegen. Het heeft veel namen: de Jezus-energie, liefde als default mode, heaven, bewustzijn. Maar het voelt altijd hetzelfde. Ruimer. Echter. Meer van jezelf.

En het gaat niet om wat je bent. Het gaat om wat je doet. Elke dag opnieuw. Dat is de practice, voor iedereen, zonder uitzondering.

Ik ga zelf ook regelmatig de mist in, om heel eerlijk te zijn. Ik reageer vanuit mijn ego, ik sluit af, ik vergeet te ademen. Ik ben hier niet om je te vertellen hoe het moet. Ik ben hier omdat ik weet hoe het voelt als je de keuze mist en hoe het voelt als je hem bewust maakt. Dat tweede is elke keer net een beetje lichter.

Dus de vraag is niet of jij perfect bent. De vraag is of je vandaag een zombie bent of een cel die meestroomt. En morgen mag je de vraag opnieuw stellen.

Voor oefeningen voor bewustwording, ontspannen voor een goede houding om verbinding en gelijkwaardigheid te kunnen uitstralen: 

Probeer PRESENT 7 dagen gratis

Namasté, JJ

empowerment challenge

Sign Up. It's Free!

Receive 7 Practical Steps Over The Next 14 Days To Increase Your Confidence & Become Empowered

You have Successfully Subscribed!

Sign up for JJ’s Weekly Updates that will enrich your life. It’s Free!

Enter your first name and email address to sign up

You have Successfully Subscribed!